Advocatenkantoor Altena

 

Met zorg voor Uw zaak


026 - 442 83 00
Advocatenkantoor
A
ltena

Advocatenkantoor Altena is gevestigd in Arnhem aan de Jansbuitensingel nr. 12.

 

T. 026 - 442 83 00

F. 026 - 443 28 88

E. Info@altena-advocaten.nl

 

Postbus 1044, 6801 BA Arnhem

 

 

Rechtsgebieden.

Advocaatkosten.

Klanttevredenheid.

Veel gestelde vragen.

Juridisch adviesbundel MKB.

Actualiteiten.

Media.

Routebeschrijving.

Contact.

home

Het verkeersrecht is een veelomvattend rechtsgebied en kan worden bezien vanuit een groot aantal juridische invalshoeken.  In geval van een aanrijding tussen bijvoorbeeld twee auto’s komt veelal de schuldvraag aan de orde. Echter die schuldvraag kan enerzijds betrekking hebben op de civiele aansprakelijk (wie wordt geacht de schade te vergoeden ?), anderzijds op de strafrechtelijke schuldvraag (wie heeft een strafrechtelijke regel overtreden ?). Maar ook het bestuursrecht kan aan de orde komen als het verkeersrecht wordt genoemd. Want wordt een regel overtreden (er wordt bijvoorbeeld te hard gereden), dan kan een sanctie worden opgelegd. Echter die sanctie, die veelal bestaat uit de betaling van een geldsom en moet worden voldaan aan het Centraal Justieel Incassobureau, is juridisch gezien in beginsel een bestuursrechtelijke sanctie op de begane overtreding en raakt niet het strafrecht, hoewel veelal wordt gesproken over een bekeuring of een boete. Anders is het wanneer de overtreding als te ernstig wordt aangemerkt. In die situatie wordt het bestuursrecht niet toereikend geacht en kan een strafrechtelijke afdoening volgen. Veelal volgt dan een zitting bij de rechter.

Bij de invordering (ook wel overgifte genoemd) van het rijbewijs (meestal door de politie) lopen het bestuursrecht en het strafrecht veelal door elkaar heen. Het rijbewijs wordt namelijk beschouwd als een vergunning om motorrijtuigen te mogen besturen. Als wordt vermoed dat niet meer aan de vereisten van de vergunning wordt voldaan, kan de overgifte van het rijbewijs worden gevorderd. Dat kan er vervolgens toe leiden dat het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) overgaat tot het verrichten van een nader onderzoek naar de rijgeschiktheid of de verplichting oplegt deel te nemen aan een cursus. Een dergelijk onderzoek komt aan de orde indien een motorrijtuig is bestuurd met (te veel) alcohol op. En te veel betekent hier een promillage van meer dan 1,7 (voor beginnende bestuurders geldt een afwijkend promillage). Voor promillages gelegen tussen 1,3 en 1,8 (voor beginnende bestuurders gelden afwijkende promillages) geldt de verplichting deel te nemen aan een zogenoemde EMA-cursus. Wordt deze cursus op positieve wijze afgerond, dan is daarmee het bestuursrechtelijke traject ten einde.

Heeft het CBR de bedoeling dat daadwerkelijk een onderzoek wordt verricht naar de rijgeschiktheid, bijvoorbeeld indien een motorrijtuig is bestuurd met te veel alcohol op, dan bent u in beginsel gehouden mee te werken aan dit onderzoek. Bij weigering wordt het rijbewijs ongeldig verklaard. Het onderzoek wordt veelal verricht door een psychiater en ook zal een bloedonderzoek volgen. Tegen de uiteindelijke beslissing van het CBR kunt u, indien u het daar niet mee eens bent, bezwaar maken. Ons kantoor kan u daarin bijstaan en nader adviseren.

Wordt met te veel alcohol een motorrijtuig bestuurd, dan wordt óók een strafbaar feit gepleegd (overtreding artikel 8 WVW). Dit zal bij een geconstateerd promillage van meer dan 1,3 in ieder geval leiden tot invordering van het rijbewijs. Dat geldt ook als als de maximumsnelheid met 50 kilometer of meer is overschreden. De officier van beslist alsdan (binnen 10 dagen) of het rijbewijs wordt teruggegeven of wordt ingehouden tot de zaak voor de rechter wordt gebracht. Beslist de officier van justitie dat het rijbewijs niet wordt teruggegeven, dan kan een klaagschrift wordt ingediend bij de rechtbank. Het is dan aan de rechter te bepalen of u het rijbewijs (voorlopig) terugkrijgt. Daarvan kan bijvoorbeeld sprake zijn als u het rijbewijs dringend nodig heeft voor uw werk. Beslist de rechter negatief op het klaagschrift, dan moet worden gewacht tot de uiteindelijke rechtszitting voordat een beslissing wordt genomen over het al dan niet terugkrijgen van het rijbewijs.

Op deze rechtszitting zal de officier van justitie een eis formuleren die al dan niet wordt overgenomen door de rechter. De eis is afhankelijk van de mate van de ernst van de overtreding, maar bestaat meestal uit een forse geldboete gecombineerd met (voorwaardelijke) ontzegging van de rijbevoegdheid voor één of meerdere maanden met daaraan een proeftijd verbonden (in geval van voorwaardelijke ontzegging rijbevoegdheid). Echter beslist de strafrechter dat u uw rijbewijs weer terugkrijgt, dan raakt dat niet de beslissing van het CBR. Met andere woorden, de strafrechter kan besluiten dat u weer mag deelnemen aan het verkeer, het CBR kan uw rijbewijs, na onderzoek, ongeldig verklaren. Daarmee lopen het bestuursrecht en het strafrecht door elkaar heen.

Wilt u advies in uw zaak of juridische bijstand, neemt u dan contact met ons op.
VERKEERSRECHT